De Gouden Eikel


Mijn familie bestaat uit klunzen. Dit neemt zulke extreme vormen aan, dat er besloten is er maar een opbeurende wedstrijd van te maken. Elk jaar schrijven we onze grootste klunsverhalen op, en vervolgens wordt er, na grondig lezen en bestuderen, een juryrapport ingeleverd. Degene met de hoogste punten wint de felbegeerde Gouden Eikel. En let wel, er is ook écht een gouden eikel.
2014 was qua Gouden Eikel verhalen een TOP-jaar voor mij. Zo kwam ik ’s nachts op de eerste hulp terecht nadat ik mezelf had neergestoken met mijn tandenborstel en werd ik klemgereden door het volledige politiekorps van Amsterdam, omdat ze dachten de dief van mijn telefoon te hebben getraceerd, terwijl ik ‘m al lang had teruggevonden.
Maar mijn grootse Gouden Eikel-actie, was vorige maand.

Na mijn verhuizing is het huis één grote chaos. Tijd voor een schoonmaak! Samen met vriendlief dump ik alles wat ruimte oplevert in afvalbakken en we rijden zelfs even langs de vuilstort. Eindelijk weer wat overzicht, heerlijk.
De volgende ochtend schrik ik met een vreemd voorgevoel wakker. Langzaam vormt zich het beeld van een papieren tas met de volledige financiële administratie van het afgelopen half jaar…waar is die eigenlijk? In eerste instantie besluit ik nog even door te slapen, maar het zit me niet lekker. Ik haal het hele huis overhoop, voor ik hysterisch tot de conclusie kom, dat ik deze met de woorden: “Deze zak is van papier, die kan mooi in één keer de bak in, hoppa!” in de papierbak op het Steve Bikoplein heb gesmeten.
Na een interne dialoog met de snelheid van het licht besluit ik: niet panieken maar aanpakken. Ik stalk Gemeente Amsterdam net zo lang totdat ik iemand aan de telefoon krijg, rijd ondertussen op en neer naar de desbetreffende bak en zeg dat alles er nog in zit! Het enige wat ik steeds weer te horen krijg is: “Nee mevrouwtje die bakken maken we niet open.” “Ja, maar wanneer wordt ie dan geleegd?! Daar wil ik bij zijn.” Na een paar zeer frustrerende gesprekken op niveau Teletubbies, krijg ik zowaar de bestuurder van ‘de wagen’ aan de lijn. Hij is over een half uur bij de bak zegt ie.

Nog een kwartier… Ik moet een haak hebben! Ik trek een plint van de muur, stop bij de lokale ijzerhandel en koop een schoffel en tape en wacht met mijn homemade zeis, alsof ik de dood zelf ben, bij de bak.
De bestuurder heeft me al verteld dat hij en zijn jongens niet de bak in mogen, ‘qua veiligheid’ en dat hij me weinig kans van slagen geeft. Die bakken worden uit de grond gehesen en in de wagen geleegd, waar ongeveer vier ton papier in terechtkomt…anyway..
Zodra de wagen de hoek om komt, zie ik in dat mijn zeis me niet gaat redden, het gevaarte is nog vijf keer groter dan ik dacht! Er springt een jongen uit die een beetje om mij en mijn provisorische zeis moet lachen. Nog geen minuut later springt hij, volledig buiten de regels van zijn werk om, voorover de laadbak in!

Inmiddels vormt er zich een file tot aan Amstelveen en lach ik wat schaapachtig met mijn zeis naar de bestuurders. Het duurt lang…erg lang…even denk ik dat ik, naast al het verloren papierwerk, nu ook de dood van een vuilnisjongen op mijn geweten hebt en alle pijnlijke doodsoorzaken schieten door mijn hoofd…maar dan hoor ik ineens “Is dit ‘m?” en zie mijn papierentas mét inhoud boven de laadbak uitkomen. Ik kan wel janken en wil de jongen doodknuffelen en zoenen, maar dat zou wat ongemakkelijk zijn… Ik geef ‘m geld voor biertjes, meer heb ik niet en spring wat op en neer van geluk. Ik heb alles terug!

De zeis kon weer teruggebracht worden bij de ijzerhandel, de ijzer-meneer vond het wel een leuk verhaal en de plint zit weer tegen de muur. Maar het mooiste van dit alles: de Gouden Eikel is binnen! Laat de verkiezing-2015 maar komen.

Liefs Lieke